|
Gelijkenis
Gaat een mens op zijn huisdier lijken, of een huisdier op
zijn mens? Uiterlijk verschil zal er altijd wel blijven. Toch is het slechts
enkele miljarden jaren geleden dat homo sapiens zich losmaakte van zijn
ouderlijke familie, de mensapen, die sommigen heden ten dage toch weer graag min
of meer tot huisdier maken. Zij het, dat ze ze nu achter tralies zetten in een
soort pretpark met de naam ZOO. Zo, even een dagje uit om te zien hoe onze
oerouders er uitzagen. Die liepen toen wel vrij rond.
De meest gebruikelijke huisdieren zijn honden en katten.
Meestal wel een handzaam formaat, een olifant op een studentenflatje staat nu
eenmaal een beetje slordig, en vrij eenvoudig naar de hand te zetten. Hoewel
poezen er nogal eens een handje van hebben hun overtuiging van hun goddelijke en
onaantastbare rechten letterlijk met hand en tand te verdedigen.
Wie aan katten begint moet zich goed realiseren wat hij
zich op de hals haalt. Een poes laat zich nauwelijks de les lezen. De oude
Egyptenaren behandelden de kat als een goddelijk wezen. Nog steeds stoelt onze
maatschappij deels op de wijsheden van de vroegere Egyptenaren, en ook de
hedendaagse katten hebben na miljoenen generaties de wijze lessen van hun
voorouders niet vergeten.
Sterker nog: zoals de mens zich door de eeuwen heen heeft
gespecialiseerd in steeds vernuftiger methoden om dieren op al dan niet wettige
wijze het leven zuur te maken, verfijnde de kat haar manieren om argeloze
dierenvrienden stelselmatig het bloed onder de nagels uit te halen. Dat de
doorsnee kattenliefhebber haar folteringen tolereert, is louter te danken aan
het vermogen van poes om op de meest ongepaste momenten haar onschuldigste
masker op te zetten, en door haar grillen af te wisselen met grollen waardoor
Chaplin en Gaaikema naar het land der amateurs worden verwezen.
Heel subtiel begint het. Als onschuldig ogende kittens
doen poesjeslief (m/v) hun intrede in het gezin. Van de prins geen kwaad wetend
ondergaan de kleintjes alle niet gemeende verwensingen voor het plasje of drukje
op het hoogpolig tapijt. Als camouflage voor hun ware bedoelingen stemmen de
katjes er quasi-schoorvoetend in toe voortaan hun behoefte op de bak te doen.
Het leven is nu eenmaal een kwestie van geven en nemen.
Na verloop van enkele maanden komt de aard van de beestjes
naar boven. Waarschuwen helpt nu niet meer, en als niet razendsnel een krabpaal
wordt aangeschaft, zal binnenkort naar nieuw behang en meubilair moeten worden
omgezien. Ook verdient het aanbeveling om bloempotten en beeldjes stormvast aan
tafel of vensterbank te bevestigen, want als de kittens een vlieg in het vizier
krijgen is er geen houden meer aan. Een goede kwaliteit vitrage is thans
noodzakelijk. Bezitters van linnen behang kunnen nu zeker genieten van
geveltoerisme. Een plaat staal als bescherming van de onderste meter zal geen
overbodige luxe zijn.
Bent u na de eerste zes maanden nog niet genoeg getreiterd
om uw kleine kwelgeesten de deur te wijzen, dan mag u zich rekenen tot de
aankomend dierenvrienden. Nu is het tijd voor uw proeve van bekwaamheid als
echte kattenliefhebber.
Als u het geluk heeft dat uw lieverdjes gelijktijdig krols
worden, reken dan maar op een concert waar Maria Callas zich niet in durft te
mengen. Niet alleen de toonhoogte schrikt haar af, maar vooral de duur van het
nachtelijk recital, als van een hongerige mensenbaby. Want als poes eenmaal van
Cupido bezeten is, kunt u gerust een paar vrije dagen nemen, om misschien
overdag nog een uurtje te kunnen slapen.
Bij poesjes kan de poezenpil hier redding brengen, wat in
elk geval wenselijk is als u een hij en een zij hebt. Op wat latere leeftijd kan
dan eerst de kater geholpen worden, zodat u niet bang hoeft te zijn voor nieuwe
treiterkopjes. Beseft u echter wel dat als u nu met de pil stopt, het gevaar
blijft van zwangerschap door een vreemde kater. Poeslief dus ook onder het mes,
wat heel verstandig is wanneer men bedenkt, dat jaarlijks zo'n 700.000 dieren
moeten worden afgemaakt, alleen omdat er teveel zijn.
Daarom snap ik de fokkers niet, die puur uit liefhebberij,
of uit winstbejag, steeds meer doorgefokte producten op de markt brengen,
waarvan de niet raszuivere en dus onbruikbare exemplaren worden afgedankt of
afgemaakt. Zouden zij ook willen dat alle mensen waaraan iets mankeert zomaar
worden afgedankt? Maar nee, hier gaat de gelijkenis niet meer op. Want als het
aankomt op afmaken, wil de mens toch liever niet meer op zijn huisdier lijken.
Jan Kruizinga, 1999
|